Een bepaald niet zachte landing

Of: wat gebeurt er met je als je terugkeert uit een oorlogsgebied?

Het is alweer 2 weken geleden dat we met onze Kifaiaploeg in de Gazastrook waren. Inmiddels zijn we weer 12 dagen thuis. Tijd voor een terugblik, niet zozeer op wat de reis allemaal praktisch heeft opgeleverd. Daarvoor verwijs ik naar mijn column van 25 februari (Kifaia bezoekt Gaza) en naar Anja Meulenbelt’s weblog van 18 t/m 23 februari 2009 (www.anjameulenbelt.nl).

Ik wil nu stilstaan bij wat deze reis met ons heeft gedaan. U heeft in mijn columns en op Anja’s weblog kunnen lezen wat we allemaal meegemaakt en gezien hebben. En dat is niet in onze spreekwoordelijke koude kleren gaan zitten. Hoewel ieder van ons team zijn eigen specifieke manier van verwerken heeft gehad, waren er ook overeenkomstigheden: we waren allemaal fysiek doodmoe, we konden heel moeilijk woorden geven aan wat we gezien en ervaren hebben en de beelden bleven ons, ook na terugkeer in Nederland, achtervolgen.

Zelf ben ik een aantal dagen mentaal goed stuk geweest. Door schade en schande wijs geworden neem ik na een Gazareis minimaal één dag vrij voor ik weer ga werken, maar dat was nu toch wel erg kort. Het grootste probleem was dat ik de impact van mijn impressies en ervaringen nauwelijks onder woorden kon brengen. Ik had voortdurend het idee dat de mensen om me heen me niet begrepen. In Nederland snapt men weinig van wat zich daar afspeelt, of men wil het niet weten. En als het weer uit het nieuws is, leeft dit issue blijkbaar ook niet meer. Er is – begrijpelijk – veel pessimisme over hoe het daar verder moet. Het conflict wordt door veel mensen beschouwd in termen van de Gazanen tegen de Israëli’s. En daar heb ik, in ieder geval voor wat de Palestijnen betreft, een probleem. Want wat ik gezien heb, is de impact van dat vreselijk massale geweld op de individuele burger die hier niet om gevraagd heeft. Enorme ellende, totale alomvattende materiële verliezen en intens verdriet. En daarin verschilt deze ellende in principe niet van die uit andere oorlogs- en conflicthaarden in de wereld. En die raken mij ook minder dan Gaza.

Wat is nu het verschil?

Wat hier vooral speelt, is dat ik na 10 jaar ervaringen uit Palestina en veel erover lezen een insider ben geworden. Ik zit er, zogezegd, met handen en voeten aan gebonden. En dat maakt dat ik me niet meer kan en mag afwenden, maar vooral, me niet meer wil afwenden. En door dat commitment kan ik niet meer verdragen wat ik daar allemaal mee heb gemaakt. Ik ben inmiddels veel gewend als het gaat om de confrontatie met ellende die voortkomt uit de beschietingen, de vernietiging van huizen, landbouwgronden en infrastructuur. Misschien was ik zelfs wel een beetje afgestompt. Maar de enorme omvang van het geweld nu heeft me weer helemaal wakker geschud en me met mijn haren bij de les gesleept. Ik snap nu heel erg goed waarom de hulpverleners van veel grote internationale organisaties die werken in oorlogs- en rampgebieden gedebriefed en begeleid worden door psychologen. Bij onze kleine stichting Kifaia organiseren we de nazorg  door contact met elkaar te blijven zoeken na terugkeer. Een telefoontje met je reisgenoten of snel na terugkeer een bijeenkomst organiseren. Dat soort zaken.

Voor mijn kinderen zijn Gaza, Kifaia, NCCR, mijn reizen, “part of the deal”. Voor hen is het een normaal deel van mijn leven, het maakt hen niet uit. Voor mijn partner is het heftiger, zij voelt als geen ander mijn lading. En die moet ik voor me houden. Ze wil niet dat ik mijn heftigheid uit in het bijzijn van onze kinderen, en terecht. Het zou mij tot een slecht voorbeeld maken en dat terwijl ik hen probeer mee te geven dat agressie tot niets leidt. Maar het is geen sinecure om binnen onze relatie te dealen met die lading. Het kost altijd weer moeite om goed contact te krijgen. Tijd ervoor nemen is tot nu toe de enige oplossing.

Het zijn bepaald geen snoepreisjes, die tripjes naar Gaza.

Joes Meens

P.S. Wat overigens een heel prettige wijze van “healing”is:
erover schrijven! Vandaar….